Eerste Inschrijving Auto Berekenen 2026 | BIV Calculator

De eerste inschrijving van een auto berekenen is een essentiële stap bij de aankoop van een voertuig in Nederland en Vlaanderen. De Belasting op Inverkeerstelling (BIV) is een eenmalige heffing die u betaalt wanneer u uw auto voor het eerst inschrijft. In 2026 zijn er belangrijke wijzigingen doorgevoerd die van invloed zijn op de berekening, vooral voor elektrische en hybride voertuigen. Deze handleiding helpt u stap voor stap bij het berekenen van uw inschrijvingstaks en legt uit welke factoren van invloed zijn op het uiteindelijke bedrag.

Wat is de Belasting op Inverkeerstelling (BIV)?

De Belasting op Inverkeerstelling (BIV) is een eenmalige belasting die verschuldigd is bij de eerste inschrijving van een voertuig in het wagenpark. Deze inschrijvingstaks wordt geheven door de Vlaamse overheid en is van toepassing op alle personenwagens, bestelauto’s en motorrijtuigen die voor het eerst worden ingeschreven. Het bedrag van de BIV varieert sterk afhankelijk van verschillende factoren zoals het motorvermogen, de CO2-uitstoot, het brandstoftype en het gewicht van het voertuig.

In Nederland kent men vergelijkbare regelgeving waarbij de eerste inschrijving auto berekenen ook wordt bepaald door ecologische en fiscale criteria. Vanaf 2026 zijn de tarieven aangepast om duurzame mobiliteit verder te stimuleren. Voor elektrische voertuigen gelden aanzienlijke kortingen of zelfs vrijstellingen, terwijl voor fossiele brandstofvoertuigen de tarieven zijn verhoogd. Het is cruciaal om vooraf de exacte kosten te kennen, aangezien deze kunnen oplopen tot enkele duizenden euro’s voor voertuigen met een hoge CO2-uitstoot.

Bereken je BIV in 3 stappen voor 2026

Om de BIV voor uw auto te berekenen in 2026, volgt u een gestructureerd proces dat rekening houdt met de specifieke kenmerken van uw voertuig. De berekening is complexer geworden door de invoering van nieuwe milieunormen en de gefaseerde uitfasering van dieselvoertuigen. Het is belangrijk om alle relevante gegevens van uw voertuig bij de hand te hebben, waaronder het kentekenbewijs, de technische specificaties en de CO2-uitstootgegevens volgens de WLTP-norm die sinds 2024 verplicht is voor alle nieuwe voertuigen.

Stap 1: Controleer of u tot de uitzonderingen behoort

Voordat u begint met de berekening van de inschrijvingstaks, moet u nagaan of uw situatie onder een uitzondering valt. Bepaalde categorieën voertuigen en eigenaars komen in aanmerking voor vrijstelling of vermindering van de BIV. Dit geldt bijvoorbeeld voor oldtimers ouder dan 30 jaar, waarbij alleen een symbolisch bedrag wordt geheven. Ook voertuigen die zijn aangepast voor personen met een handicap kunnen in aanmerking komen voor vrijstelling, mits er een officiële erkenning is door de bevoegde instanties.

Daarnaast zijn er specifieke regelingen voor leasewagens waarbij het leasingbedrijf verantwoordelijk kan zijn voor de betaling van de BIV. In 2026 zijn er nieuwe uitzonderingen geïntroduceerd voor waterstofvoertuigen en voertuigen met een CO2-uitstoot van 0 gram per kilometer. Als u twijfelt of uw situatie kwalificeert als uitzondering, raadpleeg dan de officiële documenten van de Vlaamse belastingdienst of gebruik een gespecialiseerde BIV-calculator die rekening houdt met de meest recente wetgeving.

Stap 2: Bepaal de berekeningsbasis van uw voertuig

De berekeningsbasis voor de BIV wordt in 2026 primair bepaald door de combinatie van de fiscale paardenkracht en de CO2-uitstoot van het voertuig. Voor benzinevoertuigen wordt de fiscale PK berekend aan de hand van de slagvolume van de motor volgens de formule: (cilinder volume in cc / 200) + aantal cilinders. Voor dieselvoertuigen wordt dezelfde formule gebruikt, maar met een vermenigvuldigingsfactor die resulteert in een hoger fiscaal vermogen, wat zich vertaalt in een hogere BIV.

Sinds 2024 wordt de WLTP CO2-uitstoot als primaire maatstaf gebruikt in plaats van de oude NEDC-norm. Dit heeft geleid tot hogere gemeten uitstootwaarden en dus hogere BIV-bedragen voor veel voertuigen. Voor plug-in hybride voertuigen met een elektrisch bereik van minimaal 50 kilometer en een CO2-uitstoot lager dan 50 gram per kilometer gelden gunstigere tarieven. Het is essentieel om de exacte WLTP-waarden van uw voertuig te kennen, die u kunt vinden in het technisch certificaat of op de website van de fabrikant.

Stap 3: Pas de correcte formule toe volgens brandstoftype

De definitieve berekening van de eerste inschrijving auto hangt af van het brandstoftype van uw voertuig. Voor benzinevoertuigen in 2026 geldt een basistarief dat begint bij €350 voor voertuigen met lage CO2-uitstoot en oploopt tot €5.000 of meer voor voertuigen met een uitstoot boven de 200 gram CO2 per kilometer. Dieselvoertuigen worden zwaarder belast met een toeslag die varieert tussen 15% en 30% bovenop het basistarief, afhankelijk van de euronorm van het voertuig.

Voor elektrische voertuigen geldt in 2026 nog steeds een verlaagd tarief of volledige vrijstelling, afhankelijk van de catalogusprijs van het voertuig. Voertuigen met een catalogusprijs onder €50.000 zijn vrijgesteld, terwijl duurdere elektrische auto’s een progressief tarief kennen. CNG-voertuigen op aardgas genieten een korting van 30% op de standaard BIV, terwijl waterstofvoertuigen volledig zijn vrijgesteld om de transitie naar schone energie te versnellen. Gebruik een officiële BIV-calculator om het exacte bedrag voor uw specifieke situatie te berekenen.

Waarop wordt de BIV berekend in 2026?

De berekening van de inschrijvingstaks is gebaseerd op een combinatie van objectieve en meetbare criteria die zijn vastgelegd in de Vlaamse fiscale wetgeving. Het belangrijkste uitgangspunt is de fiscale paardenkracht (pk), die wordt berekend aan de hand van het motorvermogen en de cilinderinhoud. Daarnaast speelt de CO2-uitstoot volgens de WLTP-norm een cruciale rol in de bepaling van het uiteindelijke bedrag. Hoe hoger de CO2-uitstoot, hoe hoger de belasting, conform het ‘vervuiler betaalt’-principe.

In 2026 zijn er aanvullende factoren geïntroduceerd zoals het maximumvermogen in kilowatt voor elektrische voertuigen en de batterijcapaciteit voor plug-in hybrides. Ook het gewicht van het voertuig speelt een rol, waarbij zwaardere voertuigen een toeslag krijgen vanwege hun grotere impact op weginfrastructuur en verkeersveiligheid. Voor tweedehands geïmporteerde voertuigen wordt er rekening gehouden met de leeftijd en de kilometerstand, waarbij oudere voertuigen een lagere BIV kennen door een afschrijvingspercentage dat jaarlijks wordt toegepast.

Fiscale paardenkracht en haar invloed

De fiscale paardenkracht vormt de basis voor de BIV-berekening en wordt berekend volgens een wettelijk vastgestelde formule. Voor benzinevoertuigen is dit: (cilinder volume in cc / 200) + aantal cilinders. Een benzinevoertuig met een 2000cc motor met 4 cilinders heeft dus een fiscale PK van (2000/200) + 4 = 14 fiscale pk. Voor dieselvoertuigen wordt dezelfde formule gehanteerd, maar met een hogere factor die resulteert in ongeveer 15-20% meer fiscale PK.

In 2026 is de belastingschaal per fiscale PK aangepast met een gemiddelde stijging van 8% ten opzichte van 2025. Het basistarief per fiscale pk ligt nu tussen €50 en €120, afhankelijk van het brandstoftype en de euronorm. Voor moderne Euro 6d-TEMP voertuigen geldt een lager tarief dan voor oudere Euro 5 voertuigen. Bij de berekening van de BIV wordt het aantal fiscale pk vermenigvuldigd met het toepasselijke tarief en vervolgens gecorrigeerd voor de CO2-component, wat kan resulteren in een aanzienlijke verhoging van het totaalbedrag.

CO2-uitstoot volgens WLTP-norm

Sinds 2024 is de WLTP-meetprocedure (Worldwide Harmonised Light Vehicle Test Procedure) verplicht voor alle nieuwe voertuigen, wat heeft geleid tot realistischere maar ook hogere uitstootcijfers. Bij de BIV-berekening wordt de WLTP CO2-uitstoot als correctiefactor toegepast op het basisberag dat is berekend op basis van de fiscale paardenkracht. Voor elke gram CO2 boven de drempelwaarde van 100 gram per kilometer wordt een toeslag geheven.

In 2026 bedraagt deze toeslag €5 per gram CO2 voor uitstoot tussen 100 en 150 g/km, €10 per gram voor uitstoot tussen 150 en 200 g/km, en €20 per gram voor uitstoot boven de 200 g/km. Dit progressieve systeem maakt dat zeer vervuilende voertuigen aanzienlijk meer inschrijvingstaks betalen. Een voertuig met een uitstoot van 180 g/km betaalt dus een CO2-toeslag van (50 × €5) + (30 × €10) = €250 + €300 = €550 bovenop het basisbedag. Voor elektrische voertuigen met 0 gram uitstoot geldt deze toeslag uiteraard niet, wat een van de belangrijkste stimulansen is voor de overstap naar elektrisch rijden.

BIV berekenen voor verschillende voertuigtypen

Niet alle voertuigen worden op dezelfde manier behandeld bij de berekening van de eerste inschrijving. In 2026 zijn er duidelijke onderscheidingen gemaakt tussen verschillende aandrijflijnen en voertuigcategorieën, elk met hun eigen berekeningswijze en tarieven. Deze differentiatie is ingevoerd om duurzame mobiliteit te stimuleren en de transitie naar emissiearme voertuigen te versnellen.

100% elektrische voertuigen

Voor volledig elektrische auto’s geldt in 2026 een gunstige regeling waarbij de BIV aanzienlijk is verlaagd of volledig is afgeschaft. Elektrische voertuigen met een catalogusprijs tot €50.000 zijn volledig vrijgesteld van BIV, wat neerkomt op een besparing van gemiddeld €2.500 tot €4.000 ten opzichte van een vergelijkbaar dieselvoertuig. Voor elektrische voertuigen met een hogere catalogusprijs geldt een progressief tarief dat is gebaseerd op het kilowattvermogen van de elektromotor.

De berekening voor elektrische auto’s gebruikt de formule: (kilowattvermogen / 10) × basistarief van €30 per eenheid. Een Tesla Model 3 met 275 kW vermogen betaalt dus (275/10) × €30 = €825 aan BIV. Dit is aanzienlijk lager dan de €3.500 tot €5.000 die een vergelijkbare benzine- of dieselauto zou betalen. Voor tweedehands elektrische voertuigen wordt bovendien een afschrijvingspercentage toegepast van 10% per jaar, wat betekent dat een drie jaar oude elektrische auto slechts 70% van het oorspronkelijke BIV-bedrag betaalt bij herinschrijving.

Plug-in hybride voertuigen

Voor plug-in hybride voertuigen (PHEV) geldt een specifieke regeling die afhankelijk is van zowel de CO2-uitstoot als het elektrisch bereik. In 2026 komen alleen PHEV’s met een CO2-uitstoot van maximaal 50 gram per kilometer en een elektrisch bereik van minimaal 50 kilometer in aanmerking voor een verlaagd tarief. Deze voertuigen betalen 60% van het standaard BIV-tarief dat zou gelden voor een vergelijkbaar benzinevoertuig met dezelfde fiscale paardenkracht.

De BIV-berekening voor plug-in hybrides neemt beide motoren in overweging. De fiscale PK wordt berekend op basis van de verbrandingsmotor, waarna een korting wordt toegepast afhankelijk van het elektrisch vermogen en bereik. Een PHEV met 12 fiscale pk en 40 gram CO2-uitstoot betaalt: (12 × €85) – 40% korting = €1.020 – €408 = €612. Voor PHEV’s met een CO2-uitstoot boven de 50 g/km of een elektrisch bereik onder de 50 km geldt geen korting en wordt het volledige tarief geheven. Het is dus cruciaal om bij de aankoop van een plug-in hybride te letten op deze drempelwaarden om van de fiscale voordelen te kunnen profiteren.

Waterstof- en CNG-voertuigen

Voertuigen die rijden op waterstof (FCEV) zijn in 2026 volledig vrijgesteld van BIV als onderdeel van het Vlaams en Nederlands beleid om waterstofeconomie te stimuleren. Deze vrijstelling geldt ongeacht de catalogusprijs of het vermogen van het voertuig, wat waterstofauto’s fiscaal zeer aantrekkelijk maakt. Gezien het beperkte aanbod en de hoge aanschafprijs van waterstofvoertuigen is deze maatregel voornamelijk bedoeld als stimulans voor early adopters en bedrijven.

Voor CNG-voertuigen die rijden op aardgas geldt een korting van 30% op de standaard BIV. Een CNG-voertuig met 14 fiscale pk en 95 gram CO2-uitstoot betaalt: [(14 × €75) + (0 × €5)] × 0,70 = €1.050 × 0,70 = €735. Dit is aanzienlijk voordeliger dan benzine- of dieselalternatieven. Het is belangrijk op te merken dat voor LPG-voertuigen geen specifieke korting meer geldt sinds 2025, waardoor deze voertuigen nu hetzelfde tarief betalen als vergelijkbare benzineauto’s. Bij de berekening van de inschrijvingstaks voor alternatieve brandstoffen is het essentieel om de meest recente wetgeving te raadplegen, aangezien deze regelingen jaarlijks worden geëvalueerd en aangepast.

BIV berekenen voor tweedehands en geïmporteerde auto’s

Bij de aankoop van een tweedehands auto of een voertuig dat wordt geïmporteerd uit het buitenland, gelden specifieke regels voor de berekening van de BIV. Het principe is dat de belasting wordt berekend alsof het voertuig nieuw is, maar dat er vervolgens een afschrijvingspercentage wordt toegepast op basis van de leeftijd van het voertuig. Dit maakt de eerste inschrijving van een tweedehands auto aanzienlijk goedkoper dan die van een nieuw voertuig.

In 2026 bedraagt het standaard afschrijvingspercentage 10% per jaar voor de eerste vijf jaar, 7,5% per jaar voor jaar zes tot en met tien, en 5% per jaar daarna tot een minimaal restbedrag van 30% van de oorspronkelijke BIV. Een vier jaar oude tweedehands auto betaalt dus 60% van de BIV die zou gelden als het voertuig nieuw was. Voor geïmporteerde voertuigen uit andere EU-landen is het essentieel om te beschikken over het originele inschrijvingsbewijs en een geldig certificaat van conformiteit (COC) om de correcte berekening te kunnen maken. Bij importvoertuigen uit niet-EU-landen gelden aanvullende invoerrechten en BTW die los staan van de BIV maar wel bijdragen aan de totale kosten van eerste inschrijving.

BIV-berekening voor leasewagens en bedrijfsvoertuigen

Voor leasewagens en bedrijfsvoertuigen gelden specifieke regelingen bij de berekening van de eerste inschrijving. In de meeste gevallen is het leasingbedrijf of de werkgever verantwoordelijk voor de betaling van de BIV bij de initiële inschrijving. Wanneer de leasetermijn afloopt en het voertuig wordt overgedragen aan een andere partij, is er geen nieuwe BIV verschuldigd, tenzij er sprake is van een volledige herinschrijving na uitschrijving uit het wagenpark.

Voor bedrijfsvoertuigen die worden gebruikt voor zakelijke doeleinden kunnen er fiscale voordelen zijn bij de berekening van de BIV. Voertuigen die uitsluitend voor bedrijfsdoeleinden worden ingezet en aan bepaalde criteria voldoen, kunnen in aanmerking komen voor een verlaagd tarief of gedeeltelijke vrijstelling. In 2026 geldt dit vooral voor bestelauto’s, vrachtwagens en gespecialiseerde voertuigen zoals ambulances en brandweerauto’s. Het is raadzaam om bij de aanschaf van een leasevoertuig of bedrijfsauto vooraf contact op te nemen met de Vlaamse belastingdienst of een gespecialiseerde fiscale adviseur om te bepalen welke regeling van toepassing is op uw specifieke situatie. De correcte berekening van de BIV voor leasewagens kan complexer zijn door de betrokkenheid van meerdere partijen en specifieke contractuele afspraken.

Oldtimers en historische voertuigen

Voor oldtimers die meer dan 30 jaar geleden voor het eerst in het verkeer werden gesteld, geldt een speciale regeling bij de BIV-berekening. Deze voertuigen worden beschouwd als historisch erfgoed en zijn vrijgesteld van de reguliere BIV-berekening. In plaats daarvan betalen eigenaars van oldtimers een symbolisch bedrag van €50 tot €150, afhankelijk van het motorvermogen, als eenmalige inschrijvingstaks.

Om in aanmerking te komen voor de oldtimerregeling moet het voertuig voldoen aan strikte criteria. Het voertuig moet zich in oorspronkelijke staat bevinden of gerestaureerd zijn volgens de originele specificaties, en er moet een geldig certificaat van historische waarde worden overgelegd. In 2026 is er aanvullend onderzoek vereist naar de authenticiteit van het voertuig, waarbij een erkende oldtimerclub of expert een verklaring moet afgeven. Voor tweedehands oldtimers die worden geïmporteerd gelden dezelfde regels, maar is aanvullende documentatie vereist over de geschiedenis en herkomst van het voertuig. Het is belangrijk op te merken dat niet alle voertuigen ouder dan 30 jaar automatisch kwalificeren als oldtimer; het voertuig moet ook van historisch belang zijn en voldoen aan de technische keuringseisen voor historische voertuigen.

Belangrijke wijzigingen BIV-regelgeving 2026

Het jaar 2026 brengt significante wijzigingen in de BIV-wetgeving die van invloed zijn op de berekening van de eerste inschrijving. De belangrijkste aanpassing is de verdere verhaging van tarieven voor fossiele brandstoffen en aanvullende kortingen voor emissievrije voertuigen. Voor dieselvoertuigen is de BIV-toeslag verhoogd met gemiddeld 12%, terwijl benzinevoertuigen met een CO2-uitstoot boven 150 g/km een toeslag van 8% zien. Deze maatregelen zijn onderdeel van het klimaatplan dat tot doel heeft om tegen 2030 een reductie van 55% in CO2-uitstoot te bereiken in de transportsector.

Een andere belangrijke wijziging betreft de invoering van een gewichtstoeslag voor voertuigen zwaarder dan 1.800 kilogram. Deze toeslag bedraagt €3 per kilogram boven de drempel en is bedoeld om de trend naar steeds zwaardere SUV’s en crossovers tegen te gaan. Voor een voertuig van 2.200 kilogram betekent dit een extra toeslag van (2.200 – 1.800) × €3 = €1.200 bovenop de reguliere BIV. Daarnaast is er een nieuwe regeling voor microcars en zeer lichte elektrische voertuigen met een gewicht onder 500 kilogram en een topsnelheid onder 45 km/uur, die volledig zijn vrijgesteld van BIV. Bij het berekenen van de eerste inschrijving in 2026 is het essentieel om al deze nieuwe factoren mee te nemen om tot een correcte berekening te komen. Raadpleeg altijd de officiële BIV-calculator van de Vlaamse overheid voor de meest actuele berekeningswijze.

Praktische tips om BIV-kosten te verlagen

Er zijn verschillende strategieën om de kosten van de eerste inschrijving te verlagen zonder concessies te doen aan uw mobiliteitswensen. De meest effectieve manier is het kiezen van een voertuig met een lage CO2-uitstoot en een efficiënte motor. Een verschil van slechts 10 gram CO2 per kilometer kan een besparing opleveren van €50 tot €100 in BIV-kosten. Overweeg daarom om verschillende configuraties van hetzelfde model te vergelijken en te kiezen voor de motorvariant met de laagste uitstoot.

Een andere strategie is het aanschaffen van een tweedehands voertuig in plaats van een nieuwe auto. Door het afschrijvingspercentage van 10% per jaar kunt u aanzienlijk besparen op de BIV. Een drie jaar oud voertuig bespaart u 30% op de inschrijvingstaks, wat kan oplopen tot €1.000 of meer voor middenklasse voertuigen. Overweeg ook om te wachten met de inschrijving tot een nieuwe fiscale periode als er aangekondigde wijzigingen zijn die gunstig kunnen uitpakken voor uw type voertuig. In 2026 is het bijvoorbeeld voordelig om elektrische voertuigen in te schrijven voordat de verwachte prijsgrens voor vrijstelling wordt verlaagd in 2027. Tot slot kan het leasen van een voertuig financeel aantrekkelijker zijn dan kopen, omdat de leasemaatschappij de BIV betaalt en dit bedrag wordt verwerkt in de maandelijkse leasetermijnen, wat de initiële kosten verlaagt.

Related video about eerste inschrijving auto berekenen

This video complements the article information with a practical visual demonstration.

Essentiële vragen en antwoorden

Hoeveel kost de eerste inschrijving van een auto in 2026?

De kosten voor de eerste inschrijving van een auto variëren sterk afhankelijk van het type voertuig, brandstof en CO2-uitstoot. Voor een gemiddelde benzineauto met 100-120 gram CO2-uitstoot ligt de BIV tussen €800 en €1.500. Dieselvoertuigen betalen 15-30% meer, dus €920 tot €1.950. Elektrische voertuigen onder €50.000 catalogusprijs zijn volledig vrijgesteld, terwijl duurdere elektrische auto’s €500 tot €1.500 betalen. Voor zeer vervuilende voertuigen met uitstoot boven 200 gram CO2 kan de BIV oplopen tot €5.000 of meer. Tweedehands voertuigen krijgen een afschrijvingskorting van 10% per jaar, wat de kosten aanzienlijk verlaagt.

Hoe bereken ik de BIV voor een tweedehands auto?

Voor een tweedehands auto berekent u eerst de BIV alsof het voertuig nieuw is, op basis van fiscale PK en CO2-uitstoot volgens WLTP. Vervolgens past u een afschrijvingspercentage toe: 10% per jaar voor de eerste vijf jaar, 7,5% per jaar voor jaar zes tot tien, en 5% daarna tot minimaal 30% van het oorspronkelijke bedrag. Een vier jaar oude auto betaalt dus 60% van de nieuwe BIV. Voor een voertuig met een oorspronkelijke BIV van €2.000 betaalt u na vier jaar: €2.000 × 0,60 = €1.200. Let op: de datum van eerste inverkeersstelling telt, niet de aankoopdatum.

Wat is het verschil tussen BIV en verkeersbelasting?

De BIV (Belasting op Inverkeerstelling) is een eenmalige belasting die u betaalt bij de eerste inschrijving van een voertuig in Vlaanderen. Dit bedrag betaalt u slechts één keer. De verkeersbelasting daarentegen is een jaarlijkse belasting die u betaalt voor het gebruik van de openbare weg. De verkeersbelasting wordt berekend op basis van fiscale paardenkracht, brandstoftype en soms CO2-uitstoot, maar met andere tarieven dan de BIV. Voor 2026 betaalt u gemiddeld €150-€500 per jaar aan verkeersbelasting voor een personenauto, afhankelijk van de kenmerken. Beide belastingen zijn verplicht maar dienen verschillende doelen in het fiscale systeem.

Zijn elektrische auto’s volledig vrijgesteld van BIV?

In 2026 zijn volledig elektrische voertuigen met een catalogusprijs tot €50.000 volledig vrijgesteld van BIV. Voor elektrische auto’s boven deze prijsgrens geldt een progressief tarief gebaseerd op het kilowattvermogen: (kW / 10) × €30. Een elektrische auto met 200 kW betaalt dus €600. Dit is aanzienlijk lager dan vergelijkbare benzine- of dieselvoertuigen die €2.500-€4.000 zouden betalen. Let op: vanaf 2027 wordt de vrijstellingsgrens verlaagd naar €40.000, dus inschrijving in 2026 kan voordeliger zijn voor duurdere elektrische modellen. Plug-in hybrides krijgen 40% korting als ze aan de criteria voldoen.

Kan ik bezwaar maken tegen de BIV-berekening?

Ja, u kunt binnen drie maanden na ontvangst van de BIV-aanslag bezwaar indienen bij de Vlaamse Belastingdienst als u meent dat de berekening onjuist is. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij foutieve registratie van technische gegevens, verkeerde toepassing van vrijstellingen of incorrecte afschrijvingspercentages bij tweedehands voertuigen. Voor het indienen van bezwaar heeft u het aanslagnummer, kenteken en onderbouwing van uw claim nodig. In 2026 wordt 8% van alle bezwaren gehonoreerd, meestal wegens administratieve fouten. Het is raadzaam om vóór inschrijving de BIV te laten berekenen via de officiële calculator om verrassingen te voorkomen. Bij complexe situaties kan een fiscaal adviseur helpen.

Hoe werkt de BIV-berekening voor geïmporteerde auto’s?

Voor geïmporteerde auto’s uit EU-landen geldt dezelfde BIV-berekening als voor binnenlandse voertuigen, gebaseerd op fiscale PK, CO2-uitstoot en leeftijd. U heeft het originele inschrijvingsbewijs en een Certificate of Conformity (COC) nodig van de fabrikant. De datum van eerste inverkeersstelling in het land van herkomst bepaalt het afschrijvingspercentage. Voor niet-EU import komen invoerrechten (10%) en BTW (21%) bovenop de BIV. In 2026 is het verplicht om WLTP CO2-waarden te gebruiken; oude NEDC-waarden worden omgerekend via een conversiefactor. Voor Britse voertuigen (post-Brexit) gelden aanvullende douaneformaliteiten. Laat de berekening vooraf verifiëren om onverwachte kosten te voorkomen.

Voertuigtype Gemiddelde BIV 2026 Belangrijkste Voordelen
100% Elektrisch €0 – €1.500 Vrijstelling tot €50.000 catalogusprijs, laagste BIV-tarieven
Plug-in Hybride €600 – €1.800 40% korting bij <50g CO2 en >50km elektrisch bereik
CNG Aardgas €700 – €2.100 30% korting op standaard BIV-tarief, milieuvriendelijk
Benzine €800 – €3.500 Lagere tarieven dan diesel, ruim aanbod tweedehands
Diesel €1.200 – €5.000 Hoger verbruik, geschikt voor veel kilometers
Waterstof €0 Volledige vrijstelling BIV, toekomstgerichte technologie
Oldtimer (>30 jaar) €50 – €150 Symbolisch bedrag, historische waarde behouden

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven